@vvoorded volgen
Lianne Collignon - De tijgerlegging

De tijgerlegging

Een tweeluik op Verhaaltje voor de Dorst! VvdD-veteranen Lianne Collignon en Luckie S. Delacroix hebben hun krachten gebundeld voor een smerig, schunnig en toch literair verantwoord vervolgverhaal. Met deze week deel 2 (‘De tijgerlegging’). Voor deel 1 klik je hier.

 

Helemaal achter in het laadje ligt ‘ie. Achter mijn roze strings en mijn paarse vibrator nog. Geduldig lag mijn tijgerlegging daar te wachten. Ik pak ‘m van zijn plek. Met mijn net gezette nagels ga ik over de gladde stof. Vandaag hijs ik me er voor het eerst sinds jaren weer in.

Vijftien jaar geleden had ik de tijgerlegging gekocht omdat ik wist dat mannen leggings met roofdierenprints geil vonden. Ik droeg ‘m voor André. Eigenlijk luisterde ik nooit naar Hazes. Maar toen die galbak van een vent van mij op een dag een vies wijf lag te neuken op ons eigen roze dekbed, en ik iets nodig had om me staande te houden, was Dré op de radio. Hij gaf me kracht. Ik sodemieterde de kleren van die galbak achter z’n blote reet het raam uit, liet zijn naam van mijn onderrug verwijderen – daar heb ik nou een mooie tribal staan – en ik kreeg de volledige voogdij over onze dochter Destiny. Dankzij Dré kreeg ik mezelf terug. Dus ik moest naar hem toe om hem het mooiste cadeaute geven dat ik kon bedenken. Mij. Mijn tieten. Mijn mond. Mijn kut. Mijn kont.

Backstage met Dré was ik slank, maar hij ging dood en ik ging vreten. Van lenig, jong en gewild veranderde ik langzaam in mollig, vadsig en vet. Er vormden zich diepe putten in mijn bovenbenen, mijn kont begon te drillen zoals griesmeelpudding doet en als ik in mijn nakie naar beneden keek, kon ik niet eens mijn schaamhaar meer zien – en ik had een flinke bos. Die ellende duurde jaren.
Tot ik hem zag en de sierlijke, witte letters van zijn naam las. In één klap was ik af van mijn verdriet. Terwijl iedereen nog naar de film en de musical van Andre Hazes ging, er melkbekers waren en dildo’s met zijn kop erop, was ik in één klap over Hazes heen. Wat had ik sowieso ooit in hem gezien? De nieuwe volkszanger van Nederland was veel knapper. Sexy, woest aantrekkelijk, geen varken maar een leeuw. Ik reisde de volkszanger overal achterna: van het plein in Dordrecht via het parkfeest in Vlaardingen naar de kermis in Den Briel.

De volkszanger moest ook bedankt worden. Maar ik was nog niet slank genoeg, de tijgerlegging paste nog niet. Een jaar vrat ik alleen appels, rookte ik sigaretten en zoop ik water of het zoete witte wijn was. Nu ben ik weer op mijn oude gewicht. Ik kijk in de spiegel. De legging staat goed, mijn wenkbrauwen zijn perfect getekend en nog nooit toupeerde ik mijn haar mooier als vandaag.

Als hij het podium opkomt, gillen de wijven hysterisch zijn naam. Ik ben niet zoals hun. Fans irriteren me. Met die grote strot die ze opzetten, het bier dat ze zuipen, de moeder of schoonmoeder of zus of beste vriendin die ze mee moesten nemen omdat ze anders niet durfden. Ik ben geen fan. Ik kom alleen. Hij zingt en ik zing mee. Wij hebben niemand anders nodig. Even kijkt hij me aan. Een knipoog. Ik ben blij dat ik een inlegkruisje in heb.

Na het optreden loop ik naar zijn caravan. Ik klop op de deur. Voetstappen. Het zweet breekt me uit. Hij doet open.
“Ja?” vraagt hij.
“Ik,” stotter ik, “ik ben je grootste fan.”
Hij kijkt met een vieze blik naar mijn tijgerlegging, laat de deur openstaan en loopt naar zijn bank. Ik denk dat ik naar binnen mag. Hij geeft me een blik Schultenbrau, neemt zelf een grote slok en glimlacht dan. Ik lach terug. Hij maakt zijn broek los. Hij snapt dat ik hem wil bedanken. Het inlegkruisje wordt weer nat. Op mijn knieën kruip ik sexy naar hem toe. Bijna als een echte tijger. Ik doe de onderbroek van mijn volkszanger naar beneden. En schrik. Van het lulletje. Het is niet veel groter dan mijn pink. Eén hap en hij is weg. Dat is mooi klote, want ik wil hem bedanken. Ik masseer zijn balletjes. Hij gromt. Niet lekker. Zachtjes kus ik zijn lul. Hij mompelt iets over tanden en legt zijn hand op mijn hoofd. Hij duwt me op en neer, maar het pikkie blijft klein.

Ik ga op de bank zitten met mijn billen omhoog. Hij moet wel klaarkomen, anders is het bedankje niet goed gelukt. Het inlegkruisje trek ik uit mijn onderbroek en prop ik onder de bank. Hij trekt de legging naar beneden. Een klapje op mijn bil. De volkszanger wil een condoom om, al hoeft het van mij niet. Het glijdt toch van zijn piemeltje af en dan loop ik straks in mezelf te graaien naar een verloren condoom.

Ik probeer wat te voelen als hij stoot. Maar als ik mijn ogen dicht doe, zie ik alleen André. Hij vond mijn tijgerlegging wél mooi. Dan krijg ik een sigaret in mijn mond geduwd, de volkszanger is blijkbaar klaar. De Schultenbrau weiger ik. Hij wil dat ik wegga. Ik zie het. Dus ik kleed me aan en bedenk wat ik allemaal weer ga eten. De tijgerlegging zal in de kast belanden. Een laatste keer kijk ik naar de volkszanger en ik denk alleen maar…

Ik wou dat je André was.

Geschreven door: Lianne Collignon
Illustratie door: Josse Blase

Lianne Collignon (1985) is schrijver en – zoals het een echte Rotterdamse betaamt – goed gebekt, puur, recht-voor-z’n-raap en gek op zwarte humor. Ze is het brein achter Achtentwintiger.com, één van Nederlands meest gelezen blogs. Ze is schrijfdocent bij de SKVR Schrijversschool Rotterdam en bestuurslid van literair podium Frontaal. Lianne staat met haar korte verhalen regelmatig op verschillende podia en is momenteel druk bezig met haar eerste roman!